‘De grootste boevenclub van Rotterdam’

Het kort geding van Marcan Vastgoed tegen het Rotterdamse gemeenteraadslid Dennis Tak is een van de eerste kort gedingen die is behandeld ten tijde van de coronacrisis. De rechtbank vindt het een urgente zaak. De procedure is hoofdzakelijk schriftelijk verlopen, met een telefonische conferentie voor laatste opmerkingen en vragen.

Marcan Vastgoed verhuurt vastgoed in Rotterdam, onder meer aan horecaondernemers. Marcan stuurt zijn huurders direct na de aankondiging van de sluiting van de horeca een brief. De inhoud wordt door de huurders opgevat als ‘je zorgt maar dat je de huur betaalt’. Een van de huurders noemt de brief ‘schokkend, hufterig en gevoelloos’. Het Algemeen Dagblad publiceert hierover een artikel met als kop ‘Frustraties bij ondernemers over ‘hufterige coronabrief’ van Rotterdamse vastgoedfirma’ en De Telegraaf kopt ‘Harteloosheid bij coronacrisis’. Gemeenteraadslid Dennis Tak kiest de kant van de horecaondernemers en doet er nog een schepje bovenop. Op Twitter schrijft hij onder meer: “Marcan Vastgoed de grootste boevenclub van @rotterdam. (…) Nu knijpen ze ondernemers in nood uit. Echt walgelijk!” en “Marcan dreigt met boetes voor ondernemers die hun volledige omzet hebben zien wegvallen. Geen goed woord voor over. Vandaag roep ik in De Telegraaf op om Marcan uit te kopen. Wat mij betreft vertrekken ze zo snel mogelijk uit Rotterdam.”

Marcan sommeert Tak zijn Twitterberichten te verwijderen en deze te rectificeren. Marcan stoort zich vooral aan de aantijging dat ze een ‘boevenclub’ zouden zijn. Tak voldoet niet aan die sommatie, waarop Marcan een kort geding aanspant. Daarin vordert Marcan ook een verbod voor Tak om zijn uitlatingen en woorden van die strekking te herhalen.

De voorzieningenrechter weegt het recht van Marcan op bescherming van zijn eer en goede naam af tegen de vrijheid van meningsuiting van raadslid Tak (Rechtbank Rotterdam, 9 april 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:3186 (Marcan Vastgoed/Tak). Daarbij worden alle omstandigheden van het geval meegewogen. De rechter vindt vooral relevant dat er sprake is van een al langer lopend publiek debat, waaraan Tak deelneemt in zijn rol als gemeenteraadslid. Marcan is een relevante speler op de Rotterdamse vastgoedmarkt en neemt daarmee een zekere publieke rol in. In de artikelen in het Algemeen Dagblad en De Telegraaf zijn ook de standpunten van Marcan helder uiteengezet. De uitingen van raadslid Tak worden gezien als waardeoordelen over de handelswijze van Marcan. Taks bewoordingen zullen door zijn volgers niet zonder meer letterlijk worden begrepen. Aannemelijk is dat het woord ‘boevenclub’ in meer overdrachtelijke zin zal worden opgevat, aldus de rechter. Alhoewel de door Tak gekozen bewoordingen fel van aard zijn, dient Marcan zich dit te laten welgevallen. Dit betekent dat Tak met zijn uitlatingen niet onrechtmatig jegens Marcan heeft gehandeld. De rechter wijst de vorderingen van Marcan af.

Auteur: Otto Volgenant
Otto Volgenant (1969) is sinds 1993 advocaat. Hij studeerde aan de VU en rondde in 1997 cum laude de postdoctorale opleiding Informaticarecht af.

Wij geven graag antwoord op uw vraag