Boete klokkenluider Luxleaks

Mr. Online.nl – 27 mei 2021

Luxleaks-klokkenluider Halet heeft terecht 1.000 euro boete gekregen voor schending van geheimhouding en diefstal van zijn werkgever PwC, zo oordeelt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

Raphael Halet werkte bij PricewaterhouseCoopers (PwC). Hij had belastingdocumenten van Amerikaanse bedrijven, waaronder Apple, Amazon en Ikea, gedeeld. Halet en een andere klokkenluider, Antoine Deltour, deelden deze documenten met onderzoeksjournalist Edouard Perrin. Tijdens het ‘LuxLeaks’ onderzoek, in 2014, bestudeerden verslaggevers over de hele wereld, verenigd in het International Consortium of Investigative Journalists, de documenten. De journalisten onthulden hoe meer dan 300 internationale bedrijven hun belastingaanslagen verlaagden door vertrouwelijk deals te sluiten met de Luxemburgse regering.
Halet werd schuldig bevonden aan diefstal en aan het overtreden van de Luxemburgse geheimhoudingswetten. Hij klaagde bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) met het argument dat de hem opgelegde boete van 1.000 euro zijn recht op vrijheid van meningsuiting zou schenden. Volgens hem zou dit een ‘chilling effect’ hebben, niet alleen op hemzelf maar ook op anderen die overwegen om de klok ergens over te luiden.

Een klokkenluider mag niet worden ontslagen of op andere wijze worden benadeeld tijdens het onderzoek naar de misstand. In 2011 oordeelde het EHRM al – in de zaak Heinisch v. Duitsland – dat werknemers het recht hebben om misstanden door hun werkgever te melden en dat de rechter dan een evenwicht moet vinden tussen de bescherming van de reputatie van het bedrijf en het recht op vrijheid van meningsuiting van de werknemer. De klokkenluider moet daarbij wel te goeder trouw zijn en zorgvuldig hebben gehandeld. Belangrijk uitgangspunt is dat de klokkenluider in principe altijd eerst een interne melding moet doen.

Het EHRM heeft nu in de zaak van Raphael Halet geoordeeld dat de nationale Luxemburgse rechter een redelijk evenwicht heeft gevonden tussen enerzijds de belangen van PwC en anderzijds het recht op vrijheid van meningsuiting van Halet. De boete van 1.000 euro is volgens het EHRM een relatief milde straf. De vrijheid van meningsuiting van Halet of andere werknemers wordt hier niet ernstig door beperkt. De schade voor PwC die het gevolg is van openbaarmaking van documenten die onder het beroepsgeheim vallen weegt zwaarder dan het algemeen belang bij openbaarmaking. Het EHRM geeft veel gewicht aan de aantasting van de reputatie van PwC en het verlies van vertrouwen van klanten van PwC in de interne veiligheidsvoorzieningen van het bedrijf. Daarnaast werd geoordeeld dat de onthullingen van Halet niet erg nieuw waren: Halet onthulde wat iedereen eigenlijk al wist. Het EHRM wijst het beroep van Halet daarom af. Een boete van 1.000 euro wordt gezien als een relatief milde straf die geen ‘chilling effect’ zal hebben op anderen die hun mening willen uiten. Volgens het EHRM maakt deze boete juist aan potentiële klokkenluiders duidelijk dat ze goed moeten nadenken of het naar buiten brengen van informatie wel legitiem is.

Halet v. Luxembourg – EHRM 11 mei 2021, 21884/18

samenvatting: http://hudoc.echr.coe.int/eng?i=001-210131

volledige uitspraak (Franstalig): https://hudoc.echr.coe.int/eng#{%22itemid%22:[%22001-209869%22]}

Author: Otto Volgenant
Otto Volgenant (1969) was admitted to the Amsterdam Bar in 1993. He graduated from VU University Amsterdam in 1993 and completed the post doc education IT law cum laude in 1997.

Wij geven graag antwoord op uw vraag